Sussend denken

Waarschijnlijk wilde Johan Braeckman alleen een tegenstem laten horen op een moment dat angst zich ‘in de hersenen van veel te veel mensen genesteld’ heeft. Een schouderklopje en een bemoedigend woordje om 2012 te beginnen. Begrijpelijk. Ik heb het zelf ook een beetje. Die eindejaarssfeer geeft mij zin om kinderen over hun bolletje te aaien, om te zwaaien naar bejaarden-op-de-fiets en om vertederd onze kat te bekijken terwijl ze haar melk slurpt. Enkele dagen geleden publiceerde Braeckman in De Morgen een lang artikel waarin hij de angsten van de medemens, ‘die niet gefocust noch goed gedoseerd zijn’, ontleedde. De mens, immers, lijkt het enige wezen te zijn dat zichzelf om gefabuleerde redenen angst aanjaagt. Er klopt zeker iets van: in december 2012 vergaat volgens de Maya’s (of tenminste volgens sommige New Age-interpretaties) de wereld, Hugo Chavez gelooft dat de V.S. achter de kankers van Zuid-Amerikaanse leiders zitten enzovoort. Het menselijk brein, redeneert Braeckman in zijn stuk, kan gemakkelijk besmet geraken met opvattingen die aantoonbaar kant noch wal raken; kritisch denken is immers, zoals hij samen met Maarten Boudry in De ongelovige Thomas heeft een punt mooi aantoonde, niet iets wat de mens van nature doet, maar iets dat hij moet leren. Ten dele is onze angst te wijten aan het feit dat ons brein nog altijd nauwelijks te onderscheiden is van dat van de Cro Magnonmensen, maar onze omgeving radicaal veranderd is. In de prehistorie hadden we vaak terecht angst van het onzichtbare en het vreemde, vandaag houdt de nacht geen gevaren meer in en komen brave burgers alleen wilde dieren tegen in de zoo of tijdens een all inclusive safari. Onze angst voor het oncontroleerbare projecteren we dus maar op andere zaken. Pakweg op genetische gemodificeerde organismen (tegen aardappelrot resistente aardappelen kunnen blijkbaar wel als ze door kruising zijn verkregen, maar niet als een efficiëntere methode wordt gebruikt) of op kerncentrales (studies hebben voldoende aangetoond dat de verhalen over mutaties en kankers na Tsjernobyl – tenzij in het (vermijdbare) geval van schildklierkanker – niet kloppen en het belangrijkste effect psychologisch was). Kortom, angst voor het onzichtbare, zo Braeckman, vertroebelt de geest en is zelfvoedend, en bovendien ontneemt het de mens zijn zelfrespect. In plaats van angstig te zijn moeten we ‘actief plezier in het leven’ hebben. We moeten er in 2012 ‘het beste van maken’. En: ‘Laat Standard en Poor’s 2012 niet vergallen.’ Ik ben het daar dus niet mee eens. In ieder geval ten dele niet. En al geef ik toe dat Braeckman zelf kort stelt dat er ook echte redenen tot bezorgdheid zijn (en ik zijn stuk in die zin niet helemaal correct behandel), toch neigt hij er mijns inziens te vaak naar, kritisch denken om te vormen tot sussend denken. Iets waarop ik nu eenmaal als door een wesp gestoken reageer (zie hierover ook mijn vorige stuk, Candide, toen ik het o.a. ook had over The Rational Optimist van Matt Ridley en The Better Angels of Our Nature van Steven Pinker, twee boeken die ook Braeckman vermeldt). Het contrast tussen de oproep van Braeckman om onze angsten te doseren en ‘De afgeschafte mens’, het vierdelige kerstessay in De standaard deze week, kon moeilijk groter zijn. Uiteraard valt er op de weinig genuanceerde tirade van Marc Reugebrink een en ander aan te merken, tegelijkertijd gaat er net van deze brok woede en verontwaardiging een kracht uit die in een rustig badinerende verhandeling had ontbroken. Met een verwijzing naar Howard Beale, een doorgeslagen nieuwsanker in de film Network van Sidney Lumet, wordt ook een verklaring gegeven voor deze strategie: ‘I’m as mad as hell, and I’m not going to take this anymore.’ In plaats van een sussend toontje een emotionele, pathetische uitbarsting. De mens is overbodig geworden, schrijft Marc Reugebrink, is afgeschaft. De economie houdt met hem geen rekening, maar lijkt een zichzelf in stand houdend, haast metafysisch systeem. De politiek heeft zichzelf al in de jaren negentig afgeschaft, sinds wat men ‘the third way’ noemde. Van de E.U. kan men moeilijk beweren dat die nog iets met een vredesproject te maken. Het humanistische ideaal van menswording door opvoeding in de geesteswetenschappen, het ideaal van een mondige en kritische burger, staat onder druk. Enzovoort. En dan zegt Braeckman: trek het je niet aan, het valt allemaal wel mee. Bang ben je alleen maar omdat de Cro Magnonmens dat ook soms was in een wereld waarin die strategie nog nut had. Natuurlijk heeft hij, wat mijn persoonlijke situatie (en de zijne, en die van Marc Reugebrink) betreft, alvast voorlopig simpelweg gelijk. Maar wat mij stoort aan het stuk van Braeckman, is dat angst hier grotendeels wordt gereduceerd tot een persoonlijk falen. Volwaardige mensen zijn niet bang, alleen wie de kunst van het leven niet beheerst, ervaart ‘overbodige en dysfunctionele angst’. Is dat zo? Ik denk het niet. Martin Heidegger zag angst als de grondstemming van de mens. Dat is natuurlijk overdreven (en onbewezen), maar het lijkt mij wel vast te staan dat de angst een existentieel gegeven is. Angst is niet iets wat je kunt wegduwen of oplossen (het lijkt mij ook niet wenselijk, dat te doen), het lijkt mij eerder iets waarmee je kunt leren leven en dat je ten goede kunt aanwenden. Borges vond helden minder interessant dan lafaards. Een moedig persoon is niet iemand die geen angst voelt (zo iemand is eerder gewoon oppervlakkig), maar iemand die de angst wel degelijk voelt en toch doorgaat. Is angst altijd en overal verlammend? Ik denk het niet. In zijn tekst vermeldt Braeckman de Britse socioloog Frank Furedi en diens boek Cultuur van de angst, waarin Furedi beschrijft hoe wij in het Westen ondanks onze welvaart nooit angstiger zijn geweest dan vandaag. In een hierop aansluitend boek, Politics of Fear, zocht Furedi oplossingen (misschien ook in Culture of Fear, maar dat heb ik niet gelezen), die hij samenvat onder de term ‘Humanizing Humanism’. Wat we nodig hebben, zegt hij, is dat we uit onze angstige lethargie opstaan. Hij verwijst naar Kants bekende formule van de Verlichting, sapere aude: ‘daring to know is what makes us human.’ Ik veronderstel dat Braeckman het als verlichtingsdenker grotendeels met Furedi eens zou zijn. Toch wordt hier iets over het hoofd gezien. Daring to know is what makes us human. Is dat zo? Wat ons menselijk maakt, is niet (of niet alleen maar) dat we durven te weten. Onze emoties, onze angst en woede en verontwaardiging en andere emoties zijn dat ook. Even zeer als dat we durven te denken, maken die (niet tot de ratio te herleiden) zaken ons tot mens. Ik ben geneigd mij af te vragen: waarom altijd die sussende redelijkheid? Vandaag is er voor enige angst, voor woede en voor verontwaardiging echt wel voldoende aanleiding. Die emoties hoeven niet verlammend te zijn (al kunnen ze het natuurlijk wel zijn), integendeel, ze zijn een sterkere oproep tot actie dan het wegredeneren van een verontrustende wereldwijde crisissituatie met een theorie over het feit dat de mens nu eenmaal een neiging tot fabuleren heeft. Op een algemener niveau heb ik, hoezeer ik organisaties als SKEPP apprecieer, hoe gefascineerd ik bijvoorbeeld iemand als Richard Dawkins lees of beluister, soms moeite met het onderliggende mensbeeld. Of beter gezegd: met het onderliggende mensbeeld wanneer het karikaturaal wordt (wat zeker niet altijd het geval is). Een humanisme dat zich beperkt tot het blootleggen en bestrijden van wat irrationeel is in de mens, volstaat niet. Perfecte rationaliteit is een fijne gedachte, maar ietwat utopisch, niet echt iets voor de mens (niet voor mij in ieder geval; ik ben en blijf griezelig bijgelovig). Om tot actie te komen zal alleen kritisch denken niet volstaan, sussend denken al helemaal niet. Goed, ik ben een beetje afgedwaald. Wat ik wilde zeggen is eigenlijk gewoon het volgende: ik wens niemand een 2012 waarin Standard en Poor’s de pret niet komt bederven. Ik wens een 2012 vol verontwaardiging.

Nieuws

Andere (gerelateerde) nieuwsberichten

De onzichtbare

De onzichtbare, uitgeverij Meulenhoff 2003 De debuutroman van Jeroen Theunissen is andermaal een boekje over Vlaanderen, maar voor één keer niet het mythische ‘plat pays’ van Brel of het boerse, katholieke achterland van Claus of Mortier. Vlaanderen is anders geworden, volwassener. Er...Meer lezen

Omwegen langs de Vlaamse boekhandel

Op de laatste dag van mei vertrek ik op omweg langs de Vlaamse onafhankelijke boekhandel voor een reeks lezingen en gesprekken met collega's, in een informele sfeer. Toegang is gratis, en iedereen is welkom (zie ook de kalender). Staan al vast:...Meer lezen

Papzak van anderhalve kilo

  Deze recensie van De gewichtlozen van Valeria Luiselli verscheen op recensiesite de...Meer lezen